ECLI:NL:CRVB:2013:BZ3443
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens overschrijding beroepstermijn in Ziektewetzaak
Appellante stelde beroep in tegen het besluit van het UWV waarbij haar verdere uitkering op grond van de Ziektewet werd geweigerd. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk vanwege overschrijding van de beroepstermijn. Appellante had gewacht op informatie van haar behandelend arts voordat zij het beroepschrift indiende.
In hoger beroep herhaalde appellante dat zij afhankelijk was van haar arts en niet wist dat zij eerst een voorlopig beroep had kunnen instellen. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat deze reden geen grond vormt voor een ander oordeel dan de rechtbank. Het risico van het wachten op de arts ligt bij appellante zelf.
De Raad bevestigde daarom de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan in het openbaar op 6 maart 2013 door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.