ECLI:NL:CRVB:2013:BZ2919
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- C.C.W. Lange
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking Wajong-uitkering wegens geen toegenomen beperkingen sinds 2005
Appellante ontving sinds 1994 een arbeidsongeschiktheidsuitkering die later werd omgezet in een Wajong-uitkering. In 2005 werd haar Wajong-uitkering ingetrokken omdat zij minder dan 25% arbeidsongeschikt werd geacht. In 2009 verzocht zij om heropening van de uitkering, waarna het UWV haar een nieuwe uitkering toekende met ingang van 29 april 2009, maar deze werd later ingetrokken per 29 mei 2010.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake was van toegenomen beperkingen sinds 2005, mede op basis van rapportages van een bezwaarverzekeringsarts en psychologen. Appellante stelde dat haar draaglast was toegenomen door externe factoren zoals de opvoeding van haar kinderen, maar dit werd niet als een toename van haar medische beperkingen gezien.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees erop dat problematische thuissituaties buiten beschouwing moeten blijven bij de beoordeling van arbeidsongeschiktheid, tenzij deze leiden tot een verslechtering van de medische situatie. Het ingebrachte beeldvormingsverslag uit 2011 gaf geen aanleiding tot een ander oordeel. De intrekking van de Wajong-uitkering per 29 mei 2010 is daarmee terecht.
Uitkomst: De intrekking van de Wajong-uitkering per 29 mei 2010 is terecht en het hoger beroep wordt afgewezen.