ECLI:NL:CRVB:2013:BZ0573
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Herstel besluit afwijzing vertrekregeling na termijnoverschrijding bezwaar
Appellant verzocht op 29 december 2010 om per oktober 2011 in aanmerking te komen voor de vertrekregeling van werk naar werk. Dit verzoek werd mondeling afgewezen in juli of begin augustus 2011. Appellant maakte bezwaar per fax op 13 september 2011, maar dit bezwaar werd bij besluit van 21 november 2011 niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding. De rechtbank onderschreef deze niet-ontvankelijkheid.
De Centrale Raad van Beroep stelt echter dat de mondelinge afwijzing als een besluit moet worden opgevat dat appellant rechtstreeks in zijn belang treft. Appellant mocht rekenen op een schriftelijke beslissing en is niet gewezen op de mogelijkheid bezwaar te maken tegen de mededeling. De rechtbank heeft ten onrechte een uitzonderingssituatie aangenomen waarbij appellant redelijkerwijs wist van de bezwaarperiode.
Daarom is het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard en kan het bestreden besluit niet in stand blijven. De Raad draagt de korpschef op het gebrek binnen zes weken te herstellen, omdat onvoldoende duidelijkheid bestaat om zelf in de zaak te voorzien.
Uitkomst: Het bezwaar is ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard en de korpschef wordt opgedragen het besluit binnen zes weken te herstellen.