ECLI:NL:CRVB:2013:BY9639
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verhoging vervolguitkering WIA na zorgvuldige medische beoordeling
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om zijn vervolguitkering op grond van de WIA niet te verhogen. Het UWV had dit besluit genomen omdat er geen sprake was van toegenomen beperkingen sinds de beoordeling in december 2008.
De rechtbank Rotterdam had het beroep van appellant ongegrond verklaard, stellende dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd. Dit onderzoek was gebaseerd op anamnese, eigen onderzoek en medische stukken van de huisarts en behandelend revalidatiearts.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn medische situatie was verslechterd met klachten zoals toenemende duizeligheid, pijn, vermoeidheid en krachtverlies. De Raad stelde echter vast dat appellant geen nieuwe objectief-medische gegevens had aangeleverd ter onderbouwing van zijn standpunt. De medische gegevens van de pijnpoli waren reeds bekend en meegenomen in de eerdere beoordeling.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het UWV. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit van het UWV om de vervolguitkering niet te verhogen.