ECLI:NL:CRVB:2013:BY9399
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging berekening dagloon bij WAO-uitkering door UWV
Appellant heeft bij het UWV bezwaar gemaakt tegen de hoogte van het dagloon dat ten grondslag ligt aan zijn WAO-uitkering. Het UWV heeft het bezwaar ongegrond verklaard en de rechtbank heeft deze beslissing bevestigd, omdat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat de berekening onjuist zou zijn.
In hoger beroep stelt appellant dat er een verschil bestaat tussen bedragen in verschillende stukken die bij de dagloonberekening zijn betrokken, en dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat het dagloon terecht is vastgesteld. De Centrale Raad van Beroep overweegt dat het refertejaar correct is vastgesteld en dat appellant niet heeft betwist dat hij in die periode bij twee werkgevers heeft gewerkt.
De Raad stelt vast dat het UWV de berekeningswijze van het dagloon duidelijk heeft toegelicht en dat de stukken deze uitleg ondersteunen. Appellant heeft onvoldoende onderbouwd dat de berekening onjuist is of dat verkeerde gegevens zijn gebruikt. Daarom bevestigt de Raad de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er worden geen proceskosten opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de berekening van het dagloon door het UWV wordt bevestigd.