ECLI:NL:CRVB:2013:BY8335
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling stellen aanvraag bijstand wegens niet tijdig aanleveren gegevens
Appellante diende op 3 juni 2010 een aanvraag om bijstand in bij het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam. Het college verzocht haar op 9 juli 2010 om aanvullende gegevens, waaronder bankafschriften van alle rekeningen, inclusief spaarrekeningen, binnen een gestelde termijn te overleggen. Appellante leverde niet alle gevraagde gegevens tijdig aan, met name van een spaarloonrekening.
Het college stelde de aanvraag op 23 juli 2010 buiten behandeling wegens het niet tijdig aanleveren van de gevraagde stukken. Het bezwaar van appellante tegen dit besluit werd op 27 oktober 2010 ongegrond verklaard. De rechtbank bevestigde dit oordeel in juni 2011.
In hoger beroep voerde appellante aan dat zij in de veronderstelling was alle gegevens te hebben verstrekt en dat het college contact met haar had kunnen opnemen om ontbrekende gegevens alsnog te verkrijgen. De Raad oordeelde dat appellante verwijtbaar heeft nagelaten de gegevens tijdig te overleggen en dat het college terecht de aanvraag buiten behandeling heeft gesteld. Ook het feit dat bij een latere aanvraag wel bijstand werd toegekend, doet hier niet aan af.
De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en wees het verzoek tot schadevergoeding af. De proceskostenveroordeling werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand is terecht buiten behandeling gesteld wegens het niet tijdig aanleveren van gevraagde gegevens.