ECLI:NL:CRVB:2013:BY8198

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
11 januari 2013
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
12-574 ANW-V
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55 AwbArt. 21 Beroepswet
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens te late griffierechtbetaling afgewezen

Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was betaald. Appellante deed hiertegen verzet en voerde aan dat een familielid het griffierecht namens haar had betaald.

De Raad stelde vast dat het griffierecht pas op 10 april 2012 was bijgeschreven, terwijl de termijn was verstreken. De betaling via GWK Travelex op 5 april 2012 was eveneens te laat. Er waren geen belemmeringen voor appellante om tijdig te betalen.

Daarom werd het verzet ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en het te laat betaalde griffierecht van €112,- wordt terugbetaald aan appellante. De uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons, in aanwezigheid van griffier D.W.M. Kaldenhoven.

Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens te late betaling van het griffierecht wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

12/574 ANW-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 20 december 2011, 11/680 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[A. te B.]
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank
Datum uitspraak 11 januari 2013.
PROCESVERLOOP
Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet van 11 mei 2012 heeft de Raad het door appellante ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.
Tegen de uitspraak van de Raad van 11 mei 2012 heeft appellante verzet gedaan.
Het verzet is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 13 december 2012, waar partijen niet zijn verschenen.
OVERWEGINGEN
De uitspraak van de Raad van 11 mei 2012 berust op de overwegingen dat het verschuldigde griffierecht niet binnen de bij - aangetekend verzonden - brief van 27 februari 2012 gestelde termijn van vier weken is bijgeschreven op de rekening van de Raad dan wel ter griffie is gestort, en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellante niet in verzuim is geweest.
Het griffierecht is op 10 april 2012 bijgeschreven op de rekening van de Raad. Daarmee staat vast dat het griffierecht niet tijdig is betaald.
In het verzetschrift heeft appellante aangevoerd dat zij een familielid in Nederland heeft verzocht namens haar het griffierecht te betalen.
Uit de bij het verzetschrift gevoegde stukken blijkt dat het bedrag van het griffierecht op 5 april 2012 via GWK Travelex is overgemaakt. Dat is na het verstrijken van de gestelde termijn. Niet is gebleken van belemmeringen voor appellante om binnen de termijn voor betaling te zorgen.
Het verzet moet ongegrond worden verklaard.
Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.
Het bedrag van het te laat betaalde griffierecht (€ 112,-) zal door de griffier van de Raad aan appellante worden terugbetaald.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons, in tegenwoordigheid van D.W.M. Kaldenhoven als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 11 januari 2013.
(getekend) T.G.M. Simons
(getekend) D.W.M. Kaldenhoven
GdJ
III. DéCISION
La Centrale Raad van Beroep (Cour d'Appel Centrale),
statue:
Déclare le recours non fondé
Par conséquent, décidée par T.G.M. Simons en présence de D.W.M. Kaldenhoven en qualité de greffier, ainsi que prononcée en public, le 11 janvier 2013.