ECLI:NL:CRVB:2013:BY7863

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
4 januari 2013
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11-6963 WIA
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • J.W. Schuttel
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75a AwbArt. 8:75 AwbArt. 21 Beroepswet
Verwijzingen
6 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding bij intrekking hoger beroep zonder tegemoetkoming

Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch. Tijdens de procedure heeft het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) meegedeeld het besluit op bezwaar te handhaven. Vervolgens heeft appellant het hoger beroep ingetrokken en verzocht om een proceskostenvergoeding van het Uwv.

De Centrale Raad van Beroep heeft vastgesteld dat de intrekking van het hoger beroep niet het gevolg was van enige tegemoetkoming door het bestuursorgaan aan appellant. Volgens artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dat overeenkomstig van toepassing is op hoger beroep, kan alleen bij intrekking na tegemoetkoming een proceskostenvergoeding worden toegekend.

Omdat aan deze voorwaarde niet is voldaan, mist de Raad de bevoegdheid om het bestuursorgaan te veroordelen tot betaling van proceskosten. Daarom is het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen. De uitspraak is gedaan door J.W. Schuttel, in aanwezigheid van griffier J.A. Achterberg, en uitgesproken in het openbaar op 4 januari 2013.

Uitkomst: Verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat geen tegemoetkoming door het bestuursorgaan is vastgesteld.

Uitspraak

11/6963 WIA
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 18 november 2011, 11/1069 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[A. te B. ] (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Datum uitspraak: 4 januari 2013
PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft [P.] hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 23 maart 2012.
De Raad heeft op 4 mei 2012 tussenuitspraak gedaan.
Het Uwv heeft meegedeeld dat de beslissing op bezwaar van 18 maart 2011, onder aanvullende motivering, wordt gehandhaafd.
Bij brief van 6 september 2012 heeft [P.] namens appellant het hoger beroep ingetrokken en gelijktijdig aan de Raad verzocht het Uwv te veroordelen in de proceskosten.
Het Uwv heeft bericht zich te refereren aan het oordeel van de Raad.
Met toestemming van partijen heeft de Raad bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft, waarna het onderzoek is gesloten.
OVERWEGINGEN
Artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bepaalt dat in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van Pro de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Ingevolge artikel 21 van Pro de Beroepswet is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep.
De Raad stelt vast dat aan de intrekking van het hoger beroep namens appellant niet ten grondslag ligt dat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift tegemoet is gekomen. Dit betekent dat de Raad de bevoegdheid mist om het bestuursorgaan met toepassing van artikel 8:75 van Pro de Awb in de kosten te veroordelen.
Hieruit volgt dan ook dat het verzoek om een proceskostenvergoeding dient te worden afgewezen.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Deze uitspraak is gedaan door J.W. Schuttel, in tegenwoordigheid van J.A. Achterberg als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 4 januari 2013.
(getekend) J.W. Schuttel
(getekend) J.A. Achterberg