ECLI:NL:CRVB:2013:2839
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens niet-tijdige betaling griffierecht ongegrond verklaard
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag, maar dit werd door de Raad niet-ontvankelijk verklaard vanwege een niet tijdige betaling van het griffierecht.
Appellant deed verzet tegen deze beslissing, waarbij werd aangevoerd dat de betaling vertraagd was door persoonlijke omstandigheden van de gemachtigde, waaronder twee sterfgevallen en een verblijf in het buitenland, alsmede technische problemen met internetbankieren.
De Raad oordeelde dat appellant en zijn gemachtigde verantwoordelijk waren voor tijdige betaling en dat er onvoldoende maatregelen waren getroffen om de betaling tijdig te verrichten. De brief van 1 juli 2013 gaf duidelijk aan dat het griffierecht binnen vier weken moest worden voldaan.
Het verzet werd daarom ongegrond verklaard, maar het te laat betaalde griffierecht van €118,- werd terugbetaald. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring wegens niet-tijdige betaling van griffierecht is ongegrond verklaard.