ECLI:NL:CRVB:2013:2692
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens niet-betaling griffierecht ongegrond verklaard
De appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage, maar dit beroep werd niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht. Naar aanleiding van een zitting op 26 april 2013 besloot de Centrale Raad van Beroep het onderzoek te heropenen en gaf appellant een nieuwe termijn van twaalf weken om het griffierecht alsnog te voldoen.
Ondanks deze gelegenheid heeft appellant het griffierecht ook binnen deze termijn niet betaald. Er zijn geen feiten of omstandigheden gebleken die aantonen dat appellant niet in verzuim is geweest. Daarom verklaart de Raad het verzet ongegrond. Er is geen aanleiding om appellant te veroordelen in de proceskosten van het verzet.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 22 november 2013. Ter zitting is niemand verschenen namens appellant. De griffier en de voorzitter hebben het proces-verbaal ondertekend.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard omdat het griffierecht ook binnen de nieuwe termijn niet is betaald.