ECLI:NL:CRVB:2013:2472
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens onvoldoende inlichtingenplicht niet nagekomen
Appellant diende een aanvraag om bijstand in bij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Eindhoven. Het college stelde de aanvraag buiten behandeling omdat appellant niet alle gevraagde gegevens verstrekte. Na bezwaar werd het bezwaar ongegrond verklaard omdat appellant onvoldoende bewijsstukken over zijn levensonderhoud had overgelegd.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het besluit ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat hij voldoende duidelijk had gemaakt hoe hij in zijn levensonderhoud voorzag en dat de stortingen op zijn bankrekening als middelen in de zin van de WWB moesten worden aangemerkt.
De Raad oordeelde dat de bewijslast bij de aanvrager ligt en dat appellant tegenstrijdige verklaringen had afgelegd over de lening die hij ontving. Bovendien ontbrak bewijs dat hij verplicht was het geleende bedrag terug te betalen en waren er geen uitgaven voor levensonderhoud op de bankafschriften zichtbaar. Hierdoor was niet voldaan aan de inlichtingenplicht en kon het recht op bijstand niet worden vastgesteld. Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand is terecht afgewezen wegens onvoldoende inlichtingen van appellant.