ECLI:NL:CRVB:2013:2044
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging maatregel wegens tekortschietend besef van verantwoordelijkheid bij bijstandsontvanger
Betrokkene ontvangt sinds november 2009 bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college van burgemeester en wethouders van Emmen legde hem een maatregel op waarbij zijn bijstand met 100% werd verlaagd wegens het niet behouden van algemeen geaccepteerde arbeid, gebaseerd op artikel 9 en Pro 10 van de WWB en de Verordening. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit, omdat het niet behouden van arbeid niet gelijkgesteld kan worden aan het niet nakomen van verplichtingen zoals bedoeld in artikel 9 WWB Pro.
De rechtbank oordeelde dat betrokkene wel een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid toonde, maar dat de opgelegde maatregel niet proportioneel was en dat het college een nieuwe maatregel moest vaststellen die rekening houdt met de omstandigheden van betrokkene. In hoger beroep voerde het college aan dat het bestreden besluit conform de uitspraak was genomen, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het college onvoldoende had aangetoond dat een maatregel van 100% stand kan houden.
De Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en bepaalt dat het college een nieuwe, passende maatregel moet vaststellen. Er is geen vergoeding van proceskosten toegekend. De uitspraak is gedaan door M. Hillen en uitgesproken op 15 oktober 2013.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van de maatregel en wijst het hoger beroep af.