ECLI:NL:CRVB:2013:1001
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek bijzondere bijstand wegens overschrijding termijn
Appellante had een overeenkomst tot budgetbeheer gesloten en verzocht om bijzondere bijstand voor de kosten van inkomensbeheer en bewindvoering over 2009 en 2010. Het dagelijks bestuur kende bijzondere bijstand toe vanaf oktober 2009, maar wees de aanvraag voor de periode januari tot oktober 2009 af vanwege het ontbreken van een tijdige aanvraag.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellante ging in hoger beroep. Zij stelde dat de gedragslijn van het dagelijks bestuur, dat aanvragen slechts tot een jaar na kostenopkomst mogelijk zijn, niet kenbaar was en dat bijzondere omstandigheden bestonden vanwege wanprestatie van haar eerdere inkomensbeheerder.
De Raad oordeelde dat de wettelijke grondslag (art. 44 WWB Pro) voldoende was vermeld en dat de kosten vanaf januari 2009 waren opgekomen. De gedragslijn van het dagelijks bestuur werd als buitenwettelijk begunstigend beleid gekwalificeerd en consistent toegepast. Wanprestatie van de beheerder rechtvaardigde geen uitzondering. Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de aanvraag bijzondere bijstand bevestigd.