ECLI:NL:CRVB:2012:BY2144
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- E.J. Govaers
- E.C.R. Schut
- Rechtspraak.nl
Vaststelling schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn bij bijstandsprocedures
Appellant ontving bijstand van 1997 tot 2005 en voerde meerdere procedures tegen het college van burgemeester en wethouders van Haarlem over de rechtmatigheid van verleende bijstand en herstelbesluiten. De rechtbank had eerder een schadevergoeding van €2.000,- toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn in één procedure.
In hoger beroep betoogde appellant dat de vergoeding te laag was omdat meerdere procedures waren gevoerd waarin de redelijke termijn eveneens was overschreden. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de overschrijding van ruim twee jaar en een maand geheel voor rekening van het college komt, aangezien de rechterlijke fase minder dan anderhalf jaar duurde.
De Raad bepaalde dat de vergoeding op €2.500,- moet worden vastgesteld, gebaseerd op €500,- per half jaar overschrijding. De Raad verwierp het betoog dat de overschrijding in de andere vijf procedures tot een hogere vergoeding zou moeten leiden, omdat deze procedures betrekking hadden op hetzelfde onderwerp en appellant geen extra spanning of frustratie aannemelijk had gemaakt.
Daarnaast werd het college veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en proceskosten van appellant. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 23 oktober 2012.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot betaling van €2.500,- schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.