ECLI:NL:CRVB:2012:BX8463
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring hoger beroep wegens niet-tijdige betaling griffierecht
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Middelburg. De Centrale Raad van Beroep heeft appellante bij brief van 10 mei 2012 en opnieuw bij aangetekende brief van 11 juni 2012 gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van € 115,-- binnen 28 dagen na verzending van de brief. Ondanks deze waarschuwingen heeft appellante het griffierecht niet tijdig betaald.
Op grond van artikel 22 van Pro de Beroepswet is het betalen van griffierecht een vereiste voor ontvankelijkheid van het beroepschrift. De Raad heeft op basis van de beschikbare gegevens geoordeeld dat appellante in verzuim is geweest en verklaart het hoger beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk zonder verdere inhoudelijke behandeling.
De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door J.F. Bandringa, in aanwezigheid van griffier P.N. Rijnsewijn, en is uitgesproken in het openbaar op 18 september 2012.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-tijdige betaling van het griffierecht.