ECLI:NL:CRVB:2012:BX5767
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag nabestaandenuitkering op grond van ANW wegens ontbreken verzekering echtgenoot
Appellante heeft een aanvraag ingediend voor een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW) na het overlijden van haar echtgenoot, die in het verleden in Nederland werkte en AOW ontving, maar ten tijde van zijn overlijden in Turkije woonde.
De Sociale verzekeringsbank (Svb) wees de aanvraag af omdat de echtgenoot niet verzekerd was voor de ANW op het moment van overlijden, noch op grond van nationale noch internationale regelgeving. Ook was niet gebleken dat hij zich vrijwillig had verzekerd volgens de Turkse wetgeving.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat persoonlijke omstandigheden geen rol spelen bij het recht op de uitkering wanneer niet aan de verzekeringsvereiste is voldaan.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunten zonder nieuwe feiten aan te dragen. De Raad overwoog dat de dwingendrechtelijke bepalingen van de ANW strikt moeten worden nageleefd en dat de persoonlijke omstandigheden geen uitzonderingen rechtvaardigen.
De Raad bevestigde het bestreden besluit en wees het beroep af, zonder toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de ANW-uitkering omdat de echtgenoot van appellante niet verzekerd was op het moment van overlijden.