ECLI:NL:CRVB:2012:BX5531
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering vergoeding proceskosten en overschrijding redelijke termijn bij WUBO-uitkering
Appellante, erkend als oorlogsgetroffene op grond van de Wubo, verzocht om een uitkering en voorzieningen. Na afwijzing van haar aanvraag en bezwaar, waarbij zij wel een uitkering op grond van de Wuv kreeg toegekend, richtte zij zich tegen de weigering van vergoeding van de kosten van rechtsbijstand.
De Raad overweegt dat er geen sprake is van herroeping van het primaire besluit in de zin van artikel 7:15 Awb Pro, omdat het bestreden besluit nog steeds tot weigering van een WUBO-uitkering strekt. Daarom is vergoeding van proceskosten niet verplicht. Wel constateert de Raad dat de totale procedure van bezwaar en beroep ruim zes jaar duurde, wat de redelijke termijn overschrijdt.
De Raad verbindt aan deze overschrijding het vermoeden dat de redelijke termijn is geschonden en besluit het onderzoek te heropenen voor een nadere uitspraak over de schadevergoeding wegens termijnoverschrijding. De Staat der Nederlanden wordt als partij in die procedure aangemerkt.
Het beroep tegen de weigering van proceskostenvergoeding wordt ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door A. Beuker-Tilstra, in aanwezigheid van griffier P.W.J. Hospel, op 9 augustus 2012.
Uitkomst: Beroep tegen weigering vergoeding proceskosten ongegrond, onderzoek heropend voor schadevergoeding wegens termijnoverschrijding.