ECLI:NL:CRVB:2012:BX5225
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WIA-uitkering wegens voldoende gemotiveerde geschiktheid voor voorgehouden functies
Appellant heeft zijn werkzaamheden als productiemedewerker gestaakt vanwege elleboog-, nek- en schouderklachten. Na medische en arbeidskundige herbeoordeling heeft het UWV vastgesteld dat appellant geschikt is voor bepaalde functies, waardoor zijn arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedraagt. Op basis hiervan is de WIA-uitkering ingetrokken.
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen deze beslissing, stellende dat zijn beperkingen zijn onderschat en de voorgehouden functies ongeschikt zijn. Zowel de bezwaarverzekeringsarts als de bezwaararbeidsdeskundige hebben dit onderzocht en het bezwaar ongegrond verklaard. De rechtbank heeft het beroep van appellant ongegrond verklaard en geoordeeld dat de arbeidsdeskundigen de geschiktheid van de functies voldoende hebben gemotiveerd.
In hoger beroep betwist appellant dit oordeel, maar de Centrale Raad van Beroep sluit zich aan bij de rechtbank. De Raad overweegt dat de arbeidsdeskundigen specifiek en gedetailleerd zijn ingegaan op de door appellant aangevoerde beperkingen en kanttekeningen, zoals nek- en schouderbelasting en werkplekvoorzieningen. De enkele stellingen van appellant zijn onvoldoende onderbouwd om het oordeel te weerleggen.
De Raad bevestigt daarom de intrekking van de WIA-uitkering en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan in het openbaar op 17 augustus 2012.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WIA-uitkering wegens voldoende gemotiveerde geschiktheid voor de voorgehouden functies.