ECLI:NL:CRVB:2012:BX4572
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- E.J. Govaers
- H.D. Stout
- Rechtspraak.nl
Herziening maatregel verlaging bijstand en kostenvergoeding in WWB-zaak
Appellant ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college legde een verlaging van 100% gedurende drie maanden op vanwege weigering mee te werken aan een WSW-traject. Na een heroverweging werd de maatregel beperkt tot 50% gedurende een maand. Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van 4 november 2009, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard omdat hij geen belang meer zou hebben.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat het belang van appellant was komen te vervallen door het besluit van 10 november 2009. Appellant betwistte dit en stelde dat geen heroverweging had plaatsgevonden zoals bedoeld in artikel 18, derde lid, WWB. De Raad oordeelde dat de heroverweging beperkt moet zijn tot gedragsveranderingen binnen de periode van de maatregel en dat het besluit van 10 november 2009 geen dergelijke heroverweging inhield.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en verklaarde het bezwaar gegrond voor zover de verlaging beperkt wordt tot 50% gedurende een maand. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van de kosten van bezwaar, beroep en hoger beroep, alsmede het griffierecht. De gedragsverandering na afloop van de maatregel was niet relevant voor de beoordeling.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de bijstandsverlaging wordt gegrond verklaard en de verlaging wordt beperkt tot 50% gedurende een maand met vergoeding van kosten aan appellant.