ECLI:NL:CRVB:2012:BX3578
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toerekening WGA-uitkeringen aan eigenrisicodrager ondanks betwist ontslag werknemer
Werknemer was sinds 13 augustus 2004 ziek gemeld bij appellante, die vanaf 1 januari 2008 eigenrisicodrager werd voor de Wet WIA. Het UWV kende werknemer een loongerelateerde WGA-uitkering toe vanaf 11 augustus 2006. Appellante stelde dat werknemer op 18 mei 2006 ontslagen was en daarom de WGA-uitkeringen niet aan haar toegerekend mochten worden, omdat werknemer recht zou hebben op een Ziektewetuitkering na ontslag.
De rechtbank oordeelde dat het ontslag alleen op papier bestond en dat appellante het risico van de WGA-uitkeringen vanaf 1 januari 2008 moet dragen. In hoger beroep bevestigde de Raad dit oordeel, stellende dat het UWV loonbetalingen na mei 2006 had aangetoond en dat het ontslag niet daadwerkelijk was doorgevoerd. De Raad wees ook op het feit dat eventuele schending van algemene beginselen van behoorlijk bestuur pas relevant is in een latere fase van verhaal op de werkgever.
De Raad verwierp het beroep van appellante en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 3 augustus 2012.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de WGA-uitkeringen vanaf 1 januari 2008 aan appellante als eigenrisicodrager moeten worden toegerekend.