ECLI:NL:CRVB:2012:BX1204
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na zorgvuldig medisch onderzoek bevestigd
Appellant, die sinds juni 2006 vanwege lichamelijke en psychische klachten ongeschikt was voor zijn werk, kreeg in oktober 2009 een Ziektewetuitkering toegekend. Het UWV beëindigde deze uitkering per 10 november 2009 omdat appellant niet langer ongeschikt werd geacht voor arbeid.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het bezwaar werd ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze beslissing eveneens ongegrond, omdat appellant geen medische gegevens had overgelegd die het oordeel van de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts konden weerleggen.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt dat zijn klachten het werken onmogelijk maakten, maar ook nu werden geen medische gegevens overgelegd die het oordeel konden ondermijnen. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat appellant op de datum in kwestie niet buiten staat was zijn werk te verrichten. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering omdat appellant niet ongeschikt was voor arbeid.