ECLI:NL:CRVB:2012:BW8010
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding immateriële schade en proceskostenveroordeling tegen UWV
Appellante heeft bij de Centrale Raad van Beroep hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV. Tijdens de procedure heeft het UWV een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen, waarna appellante het hoger beroep heeft ingetrokken en verzocht om vergoeding van immateriële schade en proceskosten.
De Raad beoordeelt dat de gestelde immateriële schade onvoldoende is onderbouwd en wijst het verzoek tot vergoeding daarvan af. Wel ziet de Raad aanleiding om het UWV te veroordelen in de proceskosten die appellante redelijkerwijs heeft moeten maken in bezwaar, beroep en hoger beroep.
De proceskosten worden forfaitair begroot op in totaal €1.748,--, conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. Voor het betaalde griffierecht kan appellante zich rechtstreeks tot het UWV wenden. Het onderzoek ter zitting is achterwege gelaten met toestemming van partijen. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 6 juni 2012.
Uitkomst: Verzoek om vergoeding immateriële schade afgewezen; UWV veroordeeld tot betaling van €1.748 aan proceskosten.