ECLI:NL:CRVB:2012:BW6621
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering terugkomen op WAO-uitkeringsbesluit wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant, een voormalige uitzendkracht, verzocht het UWV om terug te komen op een besluit uit 2001 waarin zijn aanvraag voor een WAO-uitkering werd afgewezen omdat hij niet verzekerd was ten tijde van het intreden van zijn arbeidsongeschiktheid in 1999. Dit verzoek werd in 2009 door het UWV afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden. De rechtbank Amsterdam bevestigde dit besluit in 2010.
Appellant stelde in hoger beroep dat zijn gezondheidssituatie verslechterd was en dat hij bewijs had overgelegd, waaronder een radiologisch rapport uit 2011. De Raad overwoog dat het verzoek om terug te komen op een onherroepelijk besluit alleen kan slagen indien nieuwe feiten of veranderde omstandigheden worden aangevoerd, zoals bepaald in artikel 4:6 van Pro de Awb. De ingediende medische verklaringen uit 2007 bevatten geen nieuwe feiten over de situatie in 1999 en het radiologisch rapport uit 2011 kon niet worden betrokken bij de beoordeling omdat het niet eerder was ingebracht.
De Raad concludeerde dat het UWV terecht het verzoek heeft afgewezen en dat het hoger beroep ongegrond is. De uitspraak van de rechtbank Amsterdam wordt bevestigd en het hoger beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het UWV om niet terug te komen op het eerdere afwijzingsbesluit wordt bevestigd.