ECLI:NL:CRVB:2012:BW2938
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening herplaatsingskandidaat stafadjudant
Verzoeker was werkzaam als stafadjudant bij de Koninklijke Marechaussee en werd aangewezen als herplaatsingskandidaat nadat de functieduur van zijn positie was verstreken. Na bezwaar en een eerdere uitspraak van de rechtbank die het besluit vernietigde, nam de commandant een nieuw besluit waarin het bezwaar opnieuw ongegrond werd verklaard. Verzoeker vroeg daarop om een voorlopige voorziening om de werking van dit besluit te schorsen.
De voorzieningenrechter overwoog dat het spoedeisend belang van verzoeker lag in de onwenselijkheid om zich langdurig buiten zijn werkomgeving als stafadjudant te bevinden. Echter bleek uit stukken en de zitting dat verzoeker sinds 9 januari 2012 met terugwerkende kracht tot 1 februari 2011 was geplaatst op een stafadjudantenstoel via het reguliere functietoewijzingsproces.
De voorzieningenrechter stelde vast dat er geen sprake was van een situatie waarin verzoeker zich buiten zijn werkomgeving bevond en dat het vooruitzicht van het vervallen van deze functie onvoldoende was onderbouwd. Daarom ontbrak het vereiste spoedeisend belang voor de gevraagde voorlopige voorziening, die dan ook werd afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.