ECLI:NL:CRVB:2012:BW0055
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- M. Hillen
- E.J. Govaers
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstand en terugvordering wegens schending inlichtingenverplichting
Appellant ontving bijstand sinds januari 2006, maar werd onderzocht vanwege vermoedens van niet gemelde werkzaamheden voor diverse vennootschappen en het niet betalen van woonlasten. De Sociale Recherche stelde een onderzoek in, leidend tot een besluit van het college tot intrekking van bijstand en terugvordering van €31.870,42.
De rechtbank oordeelde dat appellant de inlichtingenverplichting had geschonden door geen melding te maken van zijn werkzaamheden en het feit dat hij gratis woonde. De rechtbank vernietigde het besluit voor de periode 20 maart 2007 tot 1 oktober 2007 wegens onvoldoende bewijs van werkzaamheden in die periode. Het college nam daarop een nieuw besluit tot gedeeltelijke terugvordering.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant niet tijdig en volledig de vereiste openheid van zaken heeft gegeven. Hij heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij recht had op aanvullende bijstand, mede door gebrek aan objectieve en verifieerbare gegevens over zijn activiteiten en inkomsten. De Raad verklaart het beroep ongegrond en bevestigt het besluit tot intrekking en terugvordering over de periode 13 januari 2006 tot 20 maart 2007.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de intrekking van bijstand en terugvordering worden bevestigd.