ECLI:NL:CRVB:2012:BV9953

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
22 maart 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11-3780 WAO-V
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55 AwbArt. 21 Beroepswet
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet gegrond wegens juiste datum verzending aangevallen uitspraak in WAO-V zaak

In deze zaak heeft appellant verzet gedaan tegen een eerdere uitspraak van de Raad van 2 september 2011, waarin het hogerberoepschrift niet-ontvankelijk was verklaard wegens te late indiening.

De Raad heeft nader onderzoek gedaan en vastgesteld dat de griffier van de rechtbank het afschrift van de aangevallen uitspraak aanvankelijk naar een onjuist postbusnummer in Marokko had gestuurd. De tweede verzending, die op 6 juni 2011 plaatsvond, heeft appellant wel bereikt.

Hierdoor is de datum van verzending van de aangevallen uitspraak niet de eerste verzenddatum, maar de tweede, latere datum. Dit betekent dat het hogerberoepschrift tijdig is ingediend en het verzet gegrond moet worden verklaard.

De eerdere niet-ontvankelijkverklaring vervalt en het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond. Er zijn geen aanwijzingen voor proceskostenveroordeling van appellant.

Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard omdat het hogerberoepschrift tijdig is ingediend na correcte verzending van de aangevallen uitspraak.

Uitspraak

11/3780 WAO-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:
[Appellant], wonende te [woonplaats] (Marokko), (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 14 april 2011, 10/2890 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
Datum uitspraak: 22 maart 2012
I. PROCESVERLOOP
Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet van
2 september 2011 heeft de Raad het door appellant ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.
Tegen de uitspraak van de Raad van 2 september 2011 heeft appellant verzet gedaan.
II. OVERWEGINGEN
De uitspraak van de Raad van 2 september 2011 berust op de overwegingen dat het hogerberoepschrift niet tijdig is ingediend, en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellant niet in verzuim is geweest.
Uit de gedingstukken is de Raad - nader - gebleken dat de brief van 14 april 2011, waarbij de griffier van de rechtbank een afschrift van de aangevallen uitspraak aan appellant heeft gezonden, is geadresseerd aan “Boite Postale [nummer], [nummer] [plaatsnaam], Marokko”. Het juiste postbusnummer is echter [nummer]. Dit nummer is ook vermeld op de enveloppe waarin het bij de rechtbank ingediende - vertaalde - beroepschrift is verzonden. De Raad verbindt hieraan de gevolgtrekking dat als datum van verzending van de aangevallen uitspraak niet de datum van de eerste verzending (14 april 2011) moet worden genomen, maar die van de tweede verzending (6 juni 2011), waarvan vaststaat dat deze appellant - wel - heeft bereikt. Hiervan uitgaande is het hogerberoepschrift tijdig ingediend.
Het verzet moet daarom gegrond worden verklaard.
Dit betekent dat de uitspraak van de Raad van 2 september 2011 vervalt en dat het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond.
Van kosten van appellant waarop een veroordeling in de proceskosten van het verzet betrekking kan hebben, is de Raad niet gebleken.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Verklaart het verzet gegrond.
Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons. De beslissing is, in tegenwoordigheid van D.W.M. Kaldenhoven als griffier, uitgesproken in het openbaar op 22 maart 2012.
(get.) T.G.M. Simons.
(get.) D.W.M. Kaldenhoven.
JL