ECLI:NL:CRVB:2012:BV8870
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- R.H.M. Roelofs
- M. Hillen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing langdurigheidstoeslag wegens onjuiste peildatum in strijd met WWB
Betrokkene diende op 11 maart 2008 een aanvraag in voor langdurigheidstoeslag op grond van artikel 36 van Pro de WWB. Het college wees deze aanvraag af omdat betrokkene in 2003 inkomsten had die hoger waren dan de bijstandsnorm. De rechtbank vernietigde dit besluit omdat het college een onjuiste referteperiode hanteerde en niet toetste of betrokkene vanaf 30 juni 2003 tot het besluit op bezwaar voldeed aan de voorwaarden.
Het college nam vervolgens een nieuw besluit op bezwaar van 18 mei 2009, waarin het bezwaar opnieuw ongegrond werd verklaard omdat niet kon worden beoordeeld of betrokkene na 29 juni 2003 gedurende 60 maanden een inkomen had dat niet hoger was dan de bijstandsnorm. De rechtbank vernietigde ook dit besluit omdat het college als peildatum de datum van het eerdere besluit op bezwaar hanteerde in plaats van de datum van het nieuwe besluit.
Het college stelde in hoger beroep dat betrokkene alleen toeslag had aangevraagd over de jaren 2004 tot en met 2008 en dat de laatst mogelijke peildatum 31 december 2008 was. De Raad oordeelde dat volgens artikel 36 WWB Pro de peildatum de datum is waarop de periode van 60 maanden wordt bereikt, en dat dit uiterlijk de datum van het besluit op bezwaar kan zijn. Omdat het college wederom een te vroege peildatum hanteerde, bevestigde de Raad de vernietiging van het besluit en de veroordeling in griffierecht. Het hoger beroep werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college wordt afgewezen en de vernietiging van het bestreden besluit bevestigd.