ECLI:NL:CRVB:2012:BV7610
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Omzetting aanspraken Wuv naar Wubo en verjaring van financiële aanspraken
Appellant, erkend als vervolgingsslachtoffer, verzocht om omzetting van zijn aanspraken op grond van de Wuv naar de Wubo met terugwerkende kracht. De Sociale verzekeringsbank kende de omzetting toe vanaf 1 september 2003, waarbij zij zich beriep op verjaring van aanspraken na vijf jaar. Appellant stelde dat de omzetting vanaf 1984 had moeten plaatsvinden en dat de terugwerkende kracht onterecht beperkt werd.
De Raad overwoog dat financiële aanspraken jegens de overheid na vijf jaar niet meer afdwingbaar zijn, conform vaste rechtspraak. De Raad oordeelde dat de Sociale verzekeringsbank terecht een beroep deed op verjaring en dat er geen bijzondere omstandigheden waren om een langere terugwerkende kracht toe te staan. Tevens werd vastgesteld dat de procedure de redelijke termijn had overschreden, waardoor de Sociale verzekeringsbank werd veroordeeld tot een schadevergoeding van € 1.000.
Het bezwaar van appellant tegen de ingangsdatum werd gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het besluit bleven in stand. Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De Raad vond geen reden om het niet horen van appellant voorafgaand aan het besluit te beschouwen als een schending van het hoor en wederhoor.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand; verweerder wordt veroordeeld tot schadevergoeding en proceskosten.