ECLI:NL:CRVB:2012:BV2256
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na gewijzigde beslissing UWV met veroordeling in rente en proceskosten
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage inzake een WIA-zaak tegen het UWV. Tijdens de procedure nam het UWV een gewijzigde beslissing op bezwaar die geheel tegemoetkwam aan de bezwaren van appellant. Hierdoor trok appellant het hoger beroep in en verzocht het UWV te veroordelen tot betaling van wettelijke rente en proceskosten.
De Raad heeft het verzoek van appellant toegewezen en het UWV veroordeeld tot vergoeding van de wettelijke rente over de na te betalen uitkering. De Raad heeft haar jurisprudentie over het aanvangsmoment van de wettelijke rente bij periodieke betalingen verduidelijkt, waarbij de rente start op de eerste dag van de kalendermaand volgend op de maand waarop de betaling betrekking heeft.
Daarnaast is het UWV veroordeeld tot vergoeding van de in hoger beroep gemaakte proceskosten, begroot op €655, te betalen aan de griffier van de Raad. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 27 januari 2012.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot betaling van wettelijke rente en proceskosten aan appellant na intrekking van het hoger beroep wegens gewijzigde beslissing op bezwaar.