ECLI:NL:CRVB:2012:BV1917
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek terug te komen op WAO-besluit wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant, die in Nederland werkzaam was en zich in 1996 ziek meldde met psychische klachten, kreeg in 2001 een afwijzing van een WAO-uitkering omdat zijn arbeidsongeschiktheid op 3 september 1997 minder dan 15% was. In 2007 diende hij een nieuw verzoek in om terug te komen op dit besluit, maar dit werd door het UWV afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat hij nog steeds ziek was en dat het UWV ten onrechte geen nader medisch onderzoek had verricht. De Raad oordeelde dat voor terugkomen op een eerder besluit nieuwe feiten of veranderde omstandigheden moeten worden aangevoerd. De medische stukken die appellant overhandigde waren grotendeels reeds bekend bij het UWV en boden geen nieuw inzicht in zijn situatie op de datum in geding.
De Raad concludeerde dat het UWV terecht het verzoek afwees zonder nader onderzoek en dat er geen sprake was van toegenomen arbeidsongeschiktheid binnen vijf jaar na 3 september 1997. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om terug te komen op het WAO-besluit uit 2001 wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.