ECLI:NL:CRVB:2011:BT8670
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering op grond van voldoende medische en arbeidskundige beoordeling
Appellant ontving sinds 1998 een WAO-uitkering, laatstelijk op basis van 80-100% arbeidsongeschiktheid. Na een onderzoek door een verzekeringsarts en een arbeidsdeskundige werd de uitkering herzien naar 55-65% arbeidsongeschiktheid. Appellant maakte bezwaar en stelde dat de beperkingen onjuist waren vastgesteld, onder meer met betrekking tot fysieke en psychische beperkingen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek voldoende inzichtelijk en toereikend was. Appellant bracht geen objectieve medische gegevens in die twijfel aan de juistheid van de beperkingen konden doen rijzen. De Raad overwoog dat het onderzoek zorgvuldig was en dat de bezwaarverzekeringsarts de beperkingen op juiste gronden had vastgesteld, waarbij ook rekening was gehouden met aanvullende medische informatie.
De Raad verwierp de stellingen van appellant over verdere beperkingen, onder meer voor werken in koude omstandigheden en psychische beperkingen, omdat deze niet voldoende waren onderbouwd met medische gegevens. De Raad bevestigde dat appellant geschikt is voor de geselecteerde functies en dat de arbeidsbelasting deze belastbaarheid niet overschrijdt. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering naar 55-65% arbeidsongeschiktheid.