ECLI:NL:CRVB:2011:BR5743
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht op ziekengeld na zorgvuldige medische beoordeling
Appellant werkte sinds september 2008 als medewerker klantenservice en meldde zich per 26 maart 2009 ziek vanwege diverse klachten. Na medisch onderzoek op 23 april 2009 werd appellant geschikt bevonden voor zijn arbeid en het UWV besloot per 24 april 2009 het recht op ziekengeld te beëindigen. Appellant maakte bezwaar en ging in beroep, maar de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, verwijzend naar de zorgvuldige medische beoordeling en het ontbreken van nieuwe medische gegevens.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt dat er aanvullende informatie bij de behandelende sector had moeten worden ingewonnen en dat zijn klachten niet serieus waren genomen. De Raad overwoog dat appellant geen nieuwe medische gegevens aanvoerde en dat de bezwaarverzekeringsarts het dossier zorgvuldig had beoordeeld, mede op verzoek van appellant zelf.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef de overwegingen van de rechtbank en zag geen aanleiding het besluit te vernietigen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Tevens werd geen toepassing gegeven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van het recht op ziekengeld bevestigd.