ECLI:NL:CRVB:2011:BR5147
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens termijnoverschrijding ongegrond verklaard
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Breda, maar het hogerberoepschrift bevatte niet de gronden van het hoger beroep binnen de gestelde termijn. De Raad had de gemachtigde van appellant meerdere malen uitstel verleend, waarbij de laatste termijn op 28 oktober 2010 werd verlengd met een aangetekende brief die volgens het verzendregister en TNT Post op 30 oktober 2010 was afgeleverd.
De gemachtigde stelde in het verzet dat hij de brief niet had ontvangen, maar de Raad ging ervan uit dat de brief wel was ontvangen. Het was volgens de Raad duidelijk dat de gemachtigde een reactie op zijn verzoek om termijnverlenging zou ontvangen en dat het op zijn weg lag om tijdig te informeren over de stand van zaken.
Omdat de gronden van het hoger beroep niet binnen de gestelde termijn waren ingediend en de gemachtigde niet tijdig had gehandeld, werd het verzet ongegrond verklaard. De Raad zag geen aanleiding om proceskosten aan het verzet te verbinden.
De uitspraak werd gedaan door de Centrale Raad van Beroep op 17 augustus 2011, waarbij het verzet werd verworpen en het hoger beroep niet-ontvankelijk bleef.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.