ECLI:NL:CRVB:2011:BR4428
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond verklaard tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep in WWB-zaken
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam in een WWB-zaak. De Raad van 7 juni 2011 verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk omdat het hogerberoepschrift niet de gronden van het hoger beroep bevatte en appellante dit niet binnen de termijn had hersteld, op grond van artikel 6:6 van Pro de Awb.
Appellante maakte tegen deze beslissing verzet. Uit de stukken bleek dat de rechtbank Amsterdam een brief van appellante had ontvangen waarin zij haar gronden uiteenzette, welke brief later aan de Raad was doorgezonden. De Centrale Raad oordeelde dat hierdoor geen sprake was van een verzuim en dat het toepassen van artikel 6:6 Awb Pro onterecht was.
De Raad verklaarde het verzet gegrond, waardoor de uitspraak van 7 juni 2011 verviel en het onderzoek werd voortgezet in de stand waarin het zich bevond. Er werden geen kosten aan het verzet verbonden.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en het hoger beroep wordt ontvankelijk verklaard.