ECLI:NL:CRVB:2011:BR3515
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks betwisting beperkingen en functiegeschiktheid
Appellant ontvangt sinds 2001 een WAO-uitkering en verzocht in 2008 om verhoging vanwege toegenomen hartklachten. Het UWV herzag de uitkering deels, waarbij een hogere mate van arbeidsongeschiktheid werd vastgesteld voor een beperkte periode. Appellant stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat zijn beperkingen op meerdere medische gronden werden onderschat en dat de voorgestelde functies niet passend waren.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de medische beperkingen en arbeidskundige beoordeling adequaat waren. In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren, met name over de geschiktheid van de functie als dagchauffeur apotheek vanwege fysieke en mentale belasting.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de medische beoordeling, inclusief beperkingen door hartklachten, nek- en rugklachten, juist was en dat er onvoldoende medische onderbouwing was voor beperkingen door maag-/darmklachten en gehoorproblemen. De Raad vond de arbeidskundige motivatie voor de geschiktheid van de voorgehouden functies overtuigend, ook voor de functie van besteller post/pakketten en andere functies.
Het hoger beroep werd daarom verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen aanleiding gezien om een onafhankelijk medisch deskundige in te schakelen en geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.