ECLI:NL:CRVB:2011:BR1137
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid in hoger beroep WIA-uitspraak ongegrond verklaard
Appellante heeft tegen een uitspraak van de rechtbank Middelburg hoger beroep ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep. Dit hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de gronden van het hoger beroep niet binnen de gestelde termijn van twee weken waren ingediend.
Na deze niet-ontvankelijkverklaring heeft appellante verzet gedaan tegen deze beslissing. Tijdens de zitting op 4 juli 2011 werd het verzet behandeld, waarbij appellante werd bijgestaan door haar advocaat.
De Raad overwoog dat de gronden van het hoger beroep op 18 februari 2011 werden ingediend, terwijl de uiterste datum 17 februari 2011 was. De door appellante aangevoerde verwarring over de termijnstelling in de brief van 3 februari 2011 werd niet gevolgd, mede omdat de gemachtigde erkende dat een andere formulering niet tot een andere einddatum had geleid.
Daarom verklaarde de Centrale Raad van Beroep het verzet ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien om appellante te veroordelen in de proceskosten van het verzet.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard wegens te late indiening van de gronden.