ECLI:NL:CRVB:2011:BQ9034
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen terugvordering persoonsgebonden budget wegens termijnoverschrijding
Appellant ontving op 26 maart 2008 een besluit van het Zorgkantoor waarin een bedrag van €3.366,14 aan niet-verantwoord persoonsgebonden budget werd teruggevorderd. Appellant diende pas op 20 april 2009 een bezwaarschrift in, ruim na de wettelijke termijn van zes weken. Het Zorgkantoor verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens deze termijnoverschrijding.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij telefonisch zijn verhuizing aan het Zorgkantoor had doorgegeven, waardoor hij het besluit niet tijdig had ontvangen. De Raad stelde vast dat dit niet met feiten was onderbouwd en dat het besluit was verzonden naar het laatst bekende adres van appellant, waarmee aan de bekendmakingsverplichting was voldaan.
De Raad overwoog dat het horen van appellant in bezwaar achterwege kon blijven omdat het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk was. De stelling van appellant over het telefoongesprek bood geen begin van bewijs. De Raad zag geen reden om de aangevallen uitspraak te vernietigen en bevestigde deze. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar bevestigd.