ECLI:NL:CRVB:2011:BP8616
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- G.J.H. Doornewaard
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag vervroegde toekenning Wajong-uitkering wegens ontbreken bijzonder geval
Appellante verzocht om toekenning van de Wajong-uitkering met ingang van haar achttiende jaar vanwege haar congenitale complexe invaliderende rugproblematiek en de ontkenning daarvan door haar familie, wat zij als een bijzonder geval aanvoerde. De rechtbank Arnhem wees dit beroep af en verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep heeft appellante geen nieuwe medische stukken overgelegd die haar standpunt ondersteunen. De Centrale Raad van Beroep heeft de aangevallen uitspraak bevestigd, waarbij zij de overwegingen van de rechtbank onderschrijft dat er geen aanwijzingen zijn dat appellante vanwege medische of psychische redenen niet eerder de uitkering kon aanvragen. De Raad concludeert dat er geen sprake is van een bijzonder geval als bedoeld in artikel 29, tweede lid, van de Wajong.
De Raad heeft tevens overwogen dat appellante na haar achttiende jaar zelfstandig is gaan wonen en actief informatie heeft ingewonnen over behandeling van haar klachten, hetgeen het verweer van een taboe of familiale ontkenning ondermijnt. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.