ECLI:NL:CRVB:2011:BP8472
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toewijzing proceskosten na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming bestuursorgaan
Appellante stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Roermond betreffende een besluit van het UWV. Tijdens de procedure nam het UWV een nieuwe beslissing op bezwaar waarbij het volledig tegemoetkwam aan de bezwaren van appellante. Naar aanleiding daarvan trok appellante het hoger beroep in en verzocht de Raad om het UWV te veroordelen in de proceskosten.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV inderdaad geheel aan de bezwaren tegemoet was gekomen en dat appellante recht had op vergoeding van de kosten die zij redelijkerwijs had moeten maken in verband met de behandeling van het beroep en hoger beroep. De proceskosten werden begroot op een totaalbedrag van € 2.095,46, bestaande uit kosten voor rechtsbijstand in beroep en hoger beroep en reiskosten.
De Raad wees erop dat appellante het griffierecht rechtstreeks bij het UWV kon claimen. Daarnaast werden bepaalde kosten zoals verletkosten van de partner en correspondentie-/bureaukosten afgewezen wegens wettelijke beperkingen. De uitspraak werd gedaan door rechter G. van der Wiel op 18 maart 2011.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van € 2.095,46 aan proceskosten aan appellante.