ECLI:NL:CRVB:2011:BP7452
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht op kinderbijslag wegens onvoldoende schoolgang
Appellant vordert kinderbijslag voor zijn dochter [B.], die het schooljaar 2007-2008 volledig heeft afgerond. De Sociale verzekeringsbank (Svb) ontving van de Informatie Beheergroep de melding dat [B.] na dat schooljaar geen opleiding meer volgde of onvoldoende onderwijsuren maakte. De Svb stuurde formulieren naar appellant om de situatie te verifiëren, maar deze werden niet geretourneerd. Daarom stelde de Svb bij besluit van 26 januari 2009 vast dat appellant vanaf het vierde kwartaal 2008 geen recht had op kinderbijslag voor [B.].
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat op 24 april 2009 ongegrond werd verklaard. Volgens de Svb was [B.] op de peildata 1 oktober 2008 en 1 januari 2009 niet schoolgaand in de zin van de Algemene Kinderbijslagwet (AKW) en ook niet werkloos, omdat zij zich pas op 13 maart 2009 inschreef bij het UWV WERKbedrijf. In hoger beroep stelde appellant dat [B.] onderwijs volgde in een carrouselklas van het ROC Korte Ouderkerkerdijk tot eind januari 2009, maar kon geen schoolverklaring overleggen.
De rechtbank oordeelde dat [B.] niet schoolgaand was, mede omdat zij slechts drie keer aanwezig was, op 9 januari 2009 uit de carrouselklas werd geplaatst en niet op het eindgesprek verscheen. Dit voldeed niet aan het vereiste van ten minste 213 klokuren per kwartaal. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en stelt dat de Svb zich baseerde op relevante feiten uit eigen onderzoek, bevestigd door de leerlingbegeleider en presentielijsten van het ROC. Appellant heeft nagelaten een volledig ingevulde en ondertekende schoolverklaring te overleggen, ondanks herhaalde verzoeken. Het hoger beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het besluit dat appellant geen recht heeft op kinderbijslag wordt bevestigd.