ECLI:NL:CRVB:2011:BP7417
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellante, werkzaam als telefoniste voor 20 uur per week, viel op 22 maart 2007 uit wegens psychische klachten. Het UWV weigerde haar per 19 maart 2009 een WIA-uitkering toe te kennen omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze beslissing ongegrond, waarbij zij het medisch onderzoek en oordeel van de verzekeringsartsen als zorgvuldig en juist beoordeelde.
In hoger beroep voerde appellante aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en dat de beperkingen niet juist waren weergegeven. Zij verwees naar een WSW-indicatie die zou aantonen dat zij maximaal 10 uur per week kan werken, en stelde dat het UWV ten onrechte geen aanpassing van de functionele mogelijkhedenlijst (FML) had gedaan. Ook stelde zij dat geen aanvullend medisch onderzoek was verricht.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, met dossierstudie, onderzoek door de primaire arts en de bezwaarverzekeringsarts, en dat de beperkingen adequaat in de FML waren weergegeven. De Raad nam de overwegingen van de rechtbank over dat de functies medisch geschikt zijn voor appellante. De WSW-indicatie werd niet als relevant beschouwd omdat deze niet in het dossier zat en niet bleek te gelden voor de datum in geding.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde de aangevallen uitspraak. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid.