ECLI:NL:CRVB:2011:BP4573
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.A.A.G. Vermeulen
- R. Kooper
- J.L.P.G. van Thiel
- Rechtspraak.nl
Beëindiging opleiding rechter wegens onvoldoende zittingsvaardigheden
Appellante volgde vanaf september 2007 een opleiding tot rechter bij de rechtbank ’s-Gravenhage. Na een evaluatiegesprek in november 2007 werden diverse tekortkomingen vastgesteld, met name op het gebied van zittingsoptreden, zelfstandigheid en rechterlijke attitude. Ondanks vier zittingen na het gesprek bleef het functioneren onder de maat, waarna de opleiding in januari 2008 tussentijds werd beëindigd.
Appellante voerde aan onvoldoende kans te hebben gekregen om verbeteringen door te voeren en stelde dat spanningen en mogelijke vooringenomenheid de beoordeling negatief beïnvloedden. De Raad toetste de beoordeling van de opleiders en concludeerde dat deze op voldoende gronden berustte. Het zittingsoptreden was volgens de Raad dermate onvoldoende dat voortzetting niet verantwoord was.
De Raad benadrukte dat adequaat zittingsoptreden een essentiële vaardigheid is voor een rechter en dat van verweerder geen verdere inspanningen konden worden verlangd om appellante elders een opleiding te laten volgen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de tussentijdse beëindiging van de opleiding tot rechter is ongegrond verklaard.