ECLI:NL:CRVB:2010:BP0624
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit CAK over compensatie eigen risico 2008 wegens niet-gehoord belanghebbende
Betrokkene diende op 8 december 2008 een aanvraag in bij het CAK voor compensatie van het eigen risico over 2008. CAK wees de aanvraag op 28 januari 2009 af omdat betrokkene niet voldeed aan de voorwaarden, met name dat zij in de twee voorafgaande jaren in een farmaceutische kostengroep (FKG) moest zijn ingedeeld. Na bezwaar handhaafde CAK het besluit en zag af van een hoorzitting omdat het bezwaar kennelijk ongegrond werd geacht.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond, oordeelde dat het vertrouwensbeginsel van toepassing was vanwege een folder van CAK, en bepaalde dat betrokkene recht had op compensatie. CAK ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad oordeelde dat het beroep op het vertrouwensbeginsel niet slaagt omdat de folder een ander criterium hanteert dan de wet voorschrijft. Tevens stelde de Raad vast dat betrokkene ten onrechte niet is gehoord, wat strijdig is met de hoorplicht volgens de Awb. Daarom vernietigt de Raad het bestreden besluit van 25 februari 2009, maar laat de rechtsgevolgen van dat besluit in stand omdat betrokkene onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij in 2006 ten onrechte niet in een FKG was ingedeeld.
De Raad wijst erop dat CAK bij twijfel over de juistheid van de gegevens die Vektis aanlevert, nader onderzoek moet doen. Betrokkene heeft echter niet voldoende feitelijke gegevens overgelegd om het vermoeden te rechtvaardigen dat zij ten onrechte niet in een FKG was ingedeeld. De Raad bepaalt dat CAK het betaalde griffierecht aan betrokkene moet vergoeden.
Uitkomst: Het besluit van CAK wordt vernietigd wegens niet-gehoord zijn van betrokkene, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.