ECLI:NL:CRVB:2010:BO4722
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit herziening WAO-uitkering wegens onzorgvuldige motivering
Appellante, arbeidsongeschikt sinds 1999 door whiplashklachten, kreeg een WAO-uitkering van 80-100%. Na een herbeoordeling in 2008 door verzekeringsarts Kanhai, waarbij geen lichamelijk onderzoek plaatsvond, werd haar uitkering in 2009 verlaagd naar 15-25% arbeidsongeschiktheid. Appellante maakte bezwaar en voerde aan dat haar beperkingen groter zijn dan vastgesteld, mede door pijnklachten na een keizersnede en whiplash.
Het UWV handhaafde het besluit na een bezwaaronderzoek door een andere verzekeringsarts, die eveneens geen lichamelijk onderzoek verrichtte. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was en dat de functies passend waren. In hoger beroep stelt appellante dat haar belastbaarheid onjuist is vastgesteld en dat de functies haar belastbaarheid overschrijden.
De Raad constateert dat de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) van 2008 lichtere beperkingen bevat dan de eerdere FML van 2007, zonder dat een lichamelijk onderzoek is verricht. De Raad vindt dat het besluit onzorgvuldig is voorbereid en onvoldoende gemotiveerd, waardoor het besluit vernietigd moet worden. Het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen waarbij een lichamelijk onderzoek wordt verricht. Tevens wordt het UWV veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het besluit tot herziening van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met een lichamelijk onderzoek.