ECLI:NL:CRVB:2010:BO4715
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.J.W. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens juiste beoordeling belastbaarheid
Appellante was arbeidsongeschikt verklaard wegens dystrofia myotonica en ontving sinds 2003 een WAO-uitkering. Na herbeoordeling door het UWV werd haar uitkering in 2007 ingetrokken op grond van een rapport waarin werd geconcludeerd dat zij geschikt was voor licht belastend werk. Appellante maakte bezwaar en bracht medische rapporten aan, waaronder van een gemeentelijke arts die haar vrijstelde van arbeidsverplichtingen in het kader van de WWB.
De rechtbank benoemde een onafhankelijke neuroloog die de eerdere conclusies grotendeels bevestigde en oordeelde dat appellante niet in voldoende mate kon aantonen dat haar belastbaarheid was onderschat. Het hoger beroep richtte zich op de medische grondslag van het besluit, waarbij appellante stelde dat haar beperkingen werden onderschat.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het oordeel van de door de rechtbank ingeschakelde onafhankelijke deskundige gevolgd moet worden en dat er geen nieuwe feiten waren die een afwijking rechtvaardigden. De Raad achtte de belastbaarheid juist vastgesteld en de voorgehouden functies medisch geschikt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat de belastbaarheid van appellante niet is overschat.