ECLI:NL:CRVB:2010:BO3633
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering en beoordeling tilbelasting productiemedewerker industrie
Betrokkene ontving een WAO-uitkering op basis van een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Appellant, het UWV, trok de uitkering per 9 december 2008 in wegens afname van de arbeidsongeschiktheid tot minder dan 15%. Na bezwaar stelde het UWV de mate van arbeidsongeschiktheid vast op 15 tot 25%. De rechtbank Groningen verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en oordeelde dat de functie van productiemedewerker industrie vanwege de tilbelasting niet als basis voor de schatting kon dienen.
In hoger beroep stelde het UWV dat deze functie wel passend is. De Raad overwoog dat betrokkene beperkt is in tillen tot ongeveer 5 kilogram, terwijl in de functie eenmaal per dag een krat van 10 kilogram getild moet worden. De bezwaarverzekeringsarts en arbeidsdeskundige gaven echter aan dat dit éénmaal tillen geen belemmering vormt en dat de functie qua tilbelasting binnen de belastbaarheid van betrokkene blijft.
De Raad concludeerde dat de functie van productiemedewerker industrie aan de schatting ten grondslag kan worden gelegd en vernietigde het vonnis van de rechtbank voor zover aangevochten. De proceskosten van betrokkene in hoger beroep worden voor rekening van het UWV gebracht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van het UWV ongegrond, waarbij de functie productiemedewerker industrie passend wordt geacht.