ECLI:NL:CRVB:2010:BO3530
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- H.C.P. Venema
- N.M. van Waterschoot
- Rechtspraak.nl
Buiten behandeling stellen aanvraag bijstand wegens niet tijdig overleggen bankafschriften
Betrokkenen dienden op 8 januari 2007 een aanvraag om bijstand in bij de Intergemeentelijke Sociale Dienst Bollenstreek. Appellant verzocht hen om aanvullende bankafschriften van twee rekeningen over een periode van drie maanden voorafgaand aan de aanvraag. Betrokkenen leverden niet alle gevraagde stukken binnen de gestelde termijnen aan.
De aanvraag werd daarom op 15 februari 2007 buiten behandeling gesteld op grond van artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In bezwaar overhandigden betrokkenen alsnog de ontbrekende bankafschriften, maar het bezwaar werd ongegrond verklaard. De rechtbank vernietigde dit besluit wegens onvoldoende motivering en gebrekkige zorgvuldigheid.
In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat het bestuursorgaan terecht de aanvraag buiten behandeling heeft gesteld omdat betrokkenen niet binnen de hersteltermijn de gevraagde stukken hebben overgelegd en ook geen uitstel hebben gevraagd. De Raad volgt het verweer van betrokkenen niet dat bepaalde bankafschriften niet relevant zouden zijn. De Raad bevestigt dat gegevens die na het primaire besluit worden overgelegd in principe niet meetellen.
De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Hiermee wordt bevestigd dat het bestuursorgaan bevoegd en redelijk heeft gehandeld door de aanvraag buiten behandeling te stellen wegens het niet tijdig aanleveren van noodzakelijke gegevens.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot buiten behandeling stellen van de aanvraag wordt bevestigd.