ECLI:NL:CRVB:2010:BO0505
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- R. Kooper
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Appellante ontving bijstand op grond van de WWB, maar het Dagelijks Bestuur vermoedde dat zij niet alle relevante gegevens had verstrekt. Na onderzoek door sociale recherche, inclusief observaties en verklaringen, werd vastgesteld dat appellante meer uren in de pizzeria werkte dan opgegeven en dat zij tijdens die uren productieve arbeid verrichtte.
Het Dagelijks Bestuur trok daarop de bijstand in en vorderde de kosten terug. Appellante voerde aan dat zij niet altijd productief was en dat zij om medische redenen niet meer uren kon werken, maar dit werd niet aannemelijk gemaakt. De Raad oordeelde dat aanwezigheid op de werkplek tijdens reguliere uren de veronderstelling rechtvaardigt dat er arbeid werd verricht.
Appellante had de plicht om deze extra uren en werkzaamheden te melden. Het niet nakomen van deze inlichtingenverplichting maakte het recht op bijstand onvaststelbaar. De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd wegens schending van de inlichtingenverplichting.