ECLI:NL:CRVB:2010:BN9403
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling laten bijstandsaanvraag wegens niet tijdig aanleveren gegevens
Appellant diende op 12 oktober 2007 een aanvraag om bijstand in bij het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Berkelland. Het College verzocht appellant om ontbrekende gegevens, waaronder bankafschriften, vóór 12 november 2007 te overleggen. Omdat appellant niet tijdig aan dit verzoek voldeed, liet het College de aanvraag met toepassing van artikel 4:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) buiten behandeling.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het College verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank Zutphen bevestigde dit besluit in haar uitspraak van 29 april 2009. Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat het College terecht had verzocht om bankafschriften van de drie maanden voorafgaand aan de aanvraag, omdat deze noodzakelijk zijn voor een goede beoordeling van het recht op bijstand. De Raad bevestigde dat het College bevoegd was de aanvraag buiten behandeling te laten omdat appellant niet tijdig de gevraagde gegevens had verstrekt en geen verzoek tot termijnverlenging had gedaan. Ook achtte de Raad het niet relevant dat appellant later alsnog bankafschriften had overgelegd bij een nieuwe aanvraag.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde de aangevallen uitspraak en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag is terecht buiten behandeling gelaten wegens het niet tijdig aanleveren van noodzakelijke gegevens.