ECLI:NL:CRVB:2010:BN7978
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Geen recht op WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid en geschikte functies
Appellante vorderde een WIA-uitkering, welke door het UWV werd geweigerd op grond van een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%. De rechtbank vernietigde dit besluit wegens onvoldoende duidelijkheid over mogelijke blootstelling aan latex bij de geduide functies. In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep het besluit van het UWV van 1 april 2010 beoordeeld, waarbij het bezwaar opnieuw ongegrond werd verklaard.
De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de medische beperkingen van appellante niet waren onderschat. De bezwaararbeidsdeskundige concludeerde dat appellante de geduide functies kan vervullen met latexvrije handschoenen in een omgeving zonder zwevende latexdeeltjes, en dat deze functies qua opleidingsniveau en belastbaarheid geschikt zijn.
Gezien het ontbreken van aanvullende medische gegevens die het tegendeel bewijzen, verklaarde de Raad het beroep tegen het besluit van 1 april 2010 ongegrond. De uitspraak bevestigt dat appellante geen recht heeft op een WIA-uitkering en dat het UWV zorgvuldig heeft gehandeld in haar beoordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 1 april 2010 wordt ongegrond verklaard en appellante heeft geen recht op een WIA-uitkering.